75 jaar Bob Marley: Catch A Fire (1973)


Een kleine 40 jaar na zijn dood geldt Bob Marley nog altijd als de allergrootste reggaezanger aller tijden. Vanwege het feit dat hij 75 jaar geleden geboren werd, blikken we met een reeks artikelen terug op zijn belangrijkste albums. Het logische vertrekpunt is Catch A Fire, zijn debuut voor platenmaatschappij Island.

In de vroege jaren zeventig leek niemand echt raad te weten met Bob Marley en zijn band The Wailers. De zanger en gitarist werd alom gezien als het grootste talent binnen de ontluikende reggae, maar het was nog niet gelukt om hem te lanceren. Hij stond weliswaar onder contract bij muziekgigant CBS, maar die relatie was moeizaam. In 1972 toerden The Wailers door Engeland als voorprogramma van Johnny Nash, een Amerikaan die een combinatie van pop en reggae maakte en dat jaar een wereldhit scoorde met I Can See Clearly Now. Vanwege allerlei zakelijke en praktische verwikkelingen hielden The Wailers geen cent over aan de tournee. Sterker nog, aan het eind ervan was er zelfs geen geld om tickets terug naar Jamaica te bekostigen.

Het was het moment dat Chris Blackwell ten tonele verscheen. De baas van het kwaliteitslabel Island had in de voorgaande jaren al reggaeplaten in Europa uitgebracht. Zijn grote ster Jimmy Cliff stond echter op het punt om zijn contract op te zeggen, dus hij was naarstig op zoek naar een nieuw boegbeeld. Als hartstochtelijke reggaeliefhebber was hij bekend met het werk van Bob Marley en had zelfs al wat vroege Wailers-singles uitgebracht. Toen hij vernam dat de band beschikbaar was, handelde hij snel. Hij bekostigde de terugtocht naar Jamaica en gaf een voorschot mee voor de opnamekosten van een nieuw album.

De band, waarvan de kern destijds bestond uit Bob Marley, geflankeerd door zanger en gitarist Peter Tosh en zanger en percussionist Bunny Wailer, liet er geen gras over groeien. Na enkele korte, intensieve repetities werd in luttele weken een compleet album opgenomen, waarbij gebruik gemaakt werd van drie verschillende studio’s. Het gezelschap beschikte daarbij over 8-sporen recorders, voor reggaebegrippen een luxe destijds.

De tapes met de basis van het beoogde album werd teruggevlogen naar Londen, waar Chris Blackwell er – onder supervisie van Bob Marley – mee aan de slag ging. Hij temde de laagste basgeluiden en huurde sessiekrachten als gitarist Wayne Perkins en toetsenist Rabbit Bundrick in om de sound verder in te kleuren. Zo speelt de eerste de karakteristieke wah-wah partij in het nummer Stir It Up – een klassieker in wording. De investering betaalde zich terug. Catch A Fire, zoals de plaat gedoopt zou worden, ontpopte zich als van de eerste echt volwassen reggae albums. Een werkstuk dat zich wat betreft arrangementen en geluidskwaliteit kon meten met de grote rock en popplaten uit die periode.

De titel Catch A Fire liet zich vertalen als ‘brand in de hel’. Het was een verwijzing naar een paar nummers op het album, met name Slave Driver, een felle aanklacht tegen het onrecht uit het verleden. De armoede in de grote stad was het thema van Concrete Jungle, maar in andere songs – zoals Stir It Up en Baby We've Got a Date (Rock It Baby) bezongen Bob Marley en zijn Wailers met even grote passie de liefde.

Hoe belangrijk het album voor alle betrokkenen was, bleek ook uit de hoes die Catch A Fire meekreeg. De ontwerpers Rod Dyer and Bob Weiner maakten een levensgrote Zippo aansteker, die ook op de gebruikelijke manier open te klappen was. Wel kregen alleen de eerste 20.000 exemplaren die dure verpakking mee. Alle volgende versies werden gestoken in een traditionele hoes, met daarop het portret van een blowende Bob Marley. Die eerste persing is sindsdien een collector’s item.

Catch A Fire werd op 13 april 1973 uitgebracht. De recensies waren heel positief, waarbij vooral ingezoomd werd op de kwaliteiten van frontman Bob Marley als zanger, muzikant en componist – hij had zeven van de negen nummers geschreven. Ondanks die euforische reacties, kwam de verkoop langzaam op gang. In de eerste weken werden er met enige moeite zo’n 14.000 stuks van weggezet. Het album vormde wel de perfecte aanleiding voor een tournee. Vooral in Engeland en Amerika waren de optredens een groot succes. In New York deelde hij zelfs het affiche met een aanstormende Bruce Springsteen en in Las Vegas werd opgetreden met funklegende Sly and the Family Stone.

Het album en de tournee legden zo een solide basis voor het succes dat om de hoek lag. In oktober 1973 bracht Island alweer zijn tweede album uit: Burnin’. Het zou dankzij nummers als I Shot the Sheriff en Get Up, Stand Up zijn definitieve doorbraak naar een breed, wereldwijd publiek betekenen. In de jaren die volgden, zou zijn ster alleen maar verder rijzen. Uiteindelijk groeide Bob Marley uit tot de grootste reggaezanger aller tijden. Een status die een kleine 40 jaar na zijn dood nog altijd onbetwist is. Als gevolg van dat succes groeide Catch A Fire alsnog uit tot een klassieker: het album waarmee voor Bob Marley alles begon.

Klik hier om Catch A Fire te beluisteren of te bestellen.

Door Robert Haagsma


Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *